Suriname en India gaan samen verzadigd vet produceren
De minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij, Raghoebarsingh, begroet daarentegen dit project met groot enthousiasme en verklankt in euforie dat dit product zeer goed zou zijn voor de Surinaamse bevolking ( lees: bezetting Surinaams kerkhof) en de internationale markt. Het feit dat palmolie goed is voor de overbevolking van India behoeft in dit bestek geen nadere toelichting. Voor Raghoebarsingh is het allerbelangrijkste dat de wereldprijzen van voedingsstoffen met name oliën bijna met tachtig procent omhoog zijn gegaan, hetgeen voor hem de aangelegenheid een stuk aantrekkelijker maakt de onderlinge banden tussen India en Suriname aan te halen. De partijen die een jaar lang smachtend naar elkaar hebben zitten lonken om deze overeenkomst te kunnen ondertekenen, voorspellen dat het project binnen vijftien jaar in haar volle omvang moet kunnen gedijen. De begrote investering gaat gemoeid met 250 miljoen US dollar.
De intentieverklaringen die ondertekend zijn , hebben India doen toezeggen om in Suriname een informatie technisch centrum op te zetten. Dit centrum zal gedurende twee jaar door Indiase expertise worden bemenst. Verder is er een BKR-toetsvrije credit line met India van 30 miljoen dollar die nog moet worden ingevuld. Een leningsovereenkomst tussen Suriname en de Exel Bank voor een bedrag van ongeveer 10.6 miljoen US dollar is ook bevestigd. Dit geld zal in tien jaren afgelost moeten zijn en de Staat heeft een aflossingsvrije periode van vijf jaar.